Cognitieve gedragstherapie – Wat is dat eigenlijk?

De cognitieve gedragstherapie gaat er vanuit dat onze manier van denken en interpreteren (onaangename) gevoelens en gedragingen veroorzaakt.

Waarheid of perceptie?

Een cognitieve gedragstherapeut gaat daarom samen met de patiënt op zoek naar gedachten of interpretaties van een patiënt rond een bepaalde situatie of gewaarwording met als doel deze opnieuw te kaderen en bijgevolg zijn of haar gedrag te gaan veranderen.

Als voorbeeld kunnen we een vrouw nemen (Myriam) die voortdurend angst krijgt wanneer haar man ’s avonds later thuiskomt van het werk dan verwacht.  Na een uitgebreide analyse van de gedachten merken zowel Myriam als de therapeut op dat er steeds gedachten actief worden vóór
het begin van de angstaanvallen.

Myriam linkt namelijk de latere komst van haar man aan een
eerder beleefde situatie van bedrog uit een vorige relatie. Nu ze het inzicht heeft verworven
dat de interpretatie van de onschuldige situatie verwijst naar een pijnlijk moment uit een vorige relatie kan er gesproken/ gewerkt worden aan de huidige beleving.

Door aandacht te hebben voor deze gedachten en oplossingen te zoeken in het hier-en-het-nu heeft Myriam geleerd dat haar huidige relatie geen herhaling hoeft te zijn van een vorige gebeurtenis.

Ze heeft nu geleerd haar gedachten uit te dagen en deze met een realitische blik te bekijken.  Daarnaast zoekt ze ook afleiding in andere bezigheden om de bijhorende gevoelens te temperen. De angstaanvallen (gedrag) zijn door een gewijzigde manier van denken volledig verdwenen.

Cognitieve gedragstherapie maakt hiervoor gebruik van het ABC model:

Gebeurtenis: de feitelijke gebeurtenis of situatie
Gedachten: welke gedachten (cognities) worden er actief bij deze gebeurtenis?
Gevoel / Gedrag: welk gevoel of gedrag is het gevolg van de gedachten?

Naast een klemtoon op gedachten gaat een CGT ook kijken naar het gedrag. Dit is immers de laatste component uit onze term (cognitieve GEDRAGS-therapie). De therapeut gaat hierbij samen met de patiënt kijken hoe bepaald (vermijdings)gedrag er voor kan zorgen dat de angstaanvallen (en bijhorende angstige gedachten) in stand worden gehouden.

Bij angst zorgt het “niet-meer-buiten-komen” immers voor een beloningseffect van de angst.
De angstlijder vermijdt dan met andere woorden steeds moeilijke momenten waardoor er
iets onaangenaams wordt weggenomen; het resultaat is dat dit vermijdingsgedrag een
veilige oplossing wordt.  Deze oplossing geeft natuurlijk slechts tijdelijk soelaas doordat voortdurende vermijding iemand kan afsnijden van de leuke kanten van het leven.

Belangrijke grondleggers van de CGT zijn trouwens Aaron Beck en Albert Ellis.
Naast de cognitieve gedragstherapie maak ik ook regelmatig gebruik van de zogehete
derde generatie gedragstherapie: ACT of Acceptance and Commitment Therapie.